Shell mag olie winnen in Alaska

In het licht van de vorige post is dit ontnuchterend nieuws.

Oliemaatschappij Shell heeft de laatste twee vergunningen gekregen voor het boren in het noordpoolgebied bij Alaska. De Amerikaanse overheid gaf toestemming, maar stelde wel als voorwaarde dat Shell een nooduitrusting aan boord heeft. Op die manier kan er beter gehandeld worden bij een eventuele lekkage.

De voorwaarde is een tegenvaller voor Shell, want twee weken geleden ontdekte de Brits-Nederlandse oliemaatschappij dat een geleasede ijsbreker beschadigd is. In dat schip zit de benodigde nooduitrusting.

De ijsbreker is naar Portland gestuurd voor reparatie. De vertraging kan weken duren.

Shell mag in Alaska in een tot nu toe ongerept natuurgebied gaan boren naar olie die we toch niet zouden mogen gebruiken in het licht van het klimaatprobleem. Wat is de Amerikaanse overheid toch streng voor Shell, dat ze weken moeten wachten voor ze kunnen beginnen aan deze onzinnige operatie.

Sinds het begin van de klimaatonderhandelingen in 1990 lijkt er nog steeds, 25 jaar na dato, niets veranderd. Wanneer zegt een overheid nu eens nee, in plaats van loze beloftes te vragen over “veiligheid”. Shell kan de veiligheid helemaal niet garanderen; niet in het geval van een lekkage en zeker niet in het geval dat de olie gewoon gewonnen en verbrand wordt, en bijdraagt aan gevaarlijke klimaatverandering. Dat kunnen we met zekerheid zeggen, dus vraag dan ook die garantie niet en verbied het gewoon. De Amerikaanse overheid heeft die macht, maar is te laf om hem te gebruiken.

donderdag 23 juli 2015, door Sanne de Bruin